De kadernota Cultuur wil als algemene nota de verbindende kaders en beleidslijnen aangeven voor een “passend cultuurbeleid”. Dat is maar ten dele gelukt. Het is een weinig bezielend en inspirerend stuk geworden. De nota bestaat uit veel geleende teksten van elders en beleidsvoorstellen blijven hangen in vage voornemens. Passie, bezieling (“de verwondering”) en concreet perspectief ontbreken in deze nota: elementen die onmisbaar zijn voor een inspirerend kunst- en cultuurbeleid. Opvallend was de teleurstelling op dit punt bij raadsleden en betrokken instellingen bij de bespreking in de raadscommissie.
Aanvulling en uitwerking nodig
Er kwamen vanuit de insprekers en raadscommissie vele suggesties op tafel: Bijvoorbeeld”: kansen pakken bij Culturele Hoofdstad 2018 en stimuleren van culturele evenementen.
Door GroenLinks zijn hierbij concrete voorstellen gedaan voor cultureel ondernemerschap: het opzetten van een ‘cultuursmederij’/marktplaats voor kunst en cultuur en beter gebruik van leegstaande gebouwen als tijdelijke tentoonstellings-, atelier- en repetitieruimte.
In de raadsvergadering van 14 november werden bij de vaststelling van de nota al deze suggesties verwezen naar de toegezegde vervolgstappen door het college:
- Overleg met het “DOS” ( gemeentebreed cultureel overleg ) om suggesties en voorstellen meer bezielend uit te werken;
- Een vervolgnotitie in januari 2014 naar de raadscommissie met voorstellen naar aanleiding van Culturele Hoofdstad 2018 en de andere gedane suggesties.
Perspectieven
Voor GroenLinks is de kadernota meer dan een hamerstuk. Het is ook een startpunt voor een meer inspirerend en creatief cultuurbeleid. En het goede nieuws is dat we in Súdwest-Fryslân een rijk cultureel leven hebben met de vele musea, ateliers, culturele commissies en alle vormen van amateurkunst. Die verdienen een open en bezielende samenwerking met een gemeente die stimuleert, ondersteunt én inspireert. Laten alle betrokkenen de handschoen oppakken.
Peter Kranendonk,
Commissielid ‘Boarger en Mienskip’